24 september 2026 · 7 min read
Own your intelligence
Straks heeft elke zorgverlener een digitale collega die meeleest, samenvat en voorbereidt. Bart de Witte (Isaree) over de enige vraag die er dan toe doet: van wie is die collega? Over wat gehuurde AI echt kost en waarom de winst in de kleine taken zit.
Door Bart de Witte
Gastbijdrage. Bart de Witte spreekt op Clinical Build Day op 3 oktober in Antwerpen over open source en persoonlijke AI-agenten. Hij is oprichter van Isaree, dat open AI-agenten voor de zorg bouwt die lokaal draaien: hij heeft dus belang bij wat hij hier verdedigt. We publiceren het omdat het argument op zichzelf staat en omdat het de tegenhanger is van wat Eric Krzeslo van iCure hier schreef. Hij ging over de vraag waar de gegevens van je patiënten staan. Dit stuk gaat over de laag daarboven: van wie is de intelligentie zelf?
Straks heeft elke zorgverlener een digitale collega. Iemand die meeleest met je mailbox, brieven samenvat vóór je spreekuur begint, je overleg voorbereidt en je administratie doet terwijl jij met je patiënt praat. Die collega komt er. De enige vraag die er echt toe doet: van wie is hij?
Vandaag is het antwoord meestal: van iemand anders. De AI die je nu gebruikt, is niet van jou. Je huurt ze per maand of per gebruik, via een aansluiting op een computerzaal ver hiervandaan. Dat werkt. Voor een eerste kennismaking is dat prima. Maar wie op huurbasis bouwt, bouwt op andermans grond.
Wat huren je echt kost
Bij gehuurde AI loopt er een meter. Elke vraag die je stelt, elk document dat je laat samenvatten, elke taak die je automatiseert: er wordt per stuk afgerekend. Dat lijkt goedkoop tot je doorhebt wat het betekent. Hoe meer je ervan gebruikt, hoe meer je betaalt. Je enthousiasme wordt je factuur.
Daar komt bij wat niet op de factuur staat. De licentie die per medewerker telt en elk jaar duurder wordt. Het gedoe rond privacy en contracten, telkens je een nieuwe toepassing wil proberen. Het model dat van vandaag op morgen veranderd is omdat de leverancier dat beslist, met antwoorden die plots anders zijn dan wat jij getest had. En de afhankelijkheid: wie weg wil, merkt dat alles wat hij opbouwde aan de verhuurder vastzit.
Economen noemen dat totaalplaatje de TCO, de total cost of ownership: wat iets je écht kost, alles inbegrepen. Bij gehuurde AI ligt dat bedrag een stuk hoger dan het abonnementsgeld.
De ROI van bezit: een rekenvoorbeeld
Bezitten klinkt duur. Dat is het niet. Er zijn vandaag open AI-modellen die je gratis downloadt en die draaien op de laptop of de telefoon die je al hebt. Niet de allergrootste modellen, maar wel goed genoeg voor het werk waar het hier over gaat: samenvatten, herschrijven, opzoeken, klaarzetten. Eenmaal ze van jou zijn, kost elke extra taak je niet meer dan wat stroom.
Reken even mee, met voorzichtige aannames. Stel dat zo'n assistent je dertig minuten administratie per dag bespaart: brieven die al samengevat zijn, antwoorden die in klad klaarliggen, een overleg dat al voorbereid is. Dertig minuten per dag is ruim honderd uur per jaar, bijna drie werkweken. Reken dat om tegen de waarde van een uur van jou en je zit al snel aan duizenden euro's per jaar, per persoon. Voor een groepspraktijk of een ziekenhuisdienst loopt dat op tot tienduizenden.
Dat is de ROI, de return on investment: wat je investering oplevert. Bij eigen AI is die verhouding bijna oneerlijk gunstig, omdat de investering klein is en de besparing groeit met elk gebruik.
Het grote geld zit in de kleine taken
En hier komt het belangrijkste. De echte winst zit niet in één grote toepassing. Ze zit in honderden kleine ergernissen die samen je dag bepalen. De brief die je nog eens moet herlezen. Het protocol dat je opzoekt. De mail aan een patiënt, in begrijpelijke taal. Het dossier van veertig pagina's dat je in twee minuten wil doorgronden terwijl je hoort dat de patiënt al in de wachtzaal zit.
Elke taak apart is te klein om er een softwarebedrijf voor te bellen. Samen zijn ze goed voor een uur of meer per dag.
Bij gehuurde AI blijft die lange staart van kleine taken onaangeroerd. Elke taak kost telkens opnieuw een beetje geld en vooral veel gedoe, dus laat je ze liggen. Bezit je je eigen model, dan kost de tweehonderdste taak evenveel als de eerste: niets. Juist daar ligt het verschil tussen AI als gadget en AI als werkvloer.
Meer dan geld
Wie zijn intelligentie bezit, krijgt drie dingen die je niet apart kan kopen.
- Rust over privacy. Je gegevens en die van je patiënten worden zo dicht mogelijk bij de bron verwerkt: op je eigen toestel, binnen de muren van je praktijk of je ziekenhuis. Voor de meeste taken hoeft er niets naar buiten. Een model op je eigen laptop werkt trouwens ook door als de wifi eruit ligt.
- Controle over wat je gebruikt. Het model dat jij vandaag test, is morgen nog hetzelfde. Jij beslist wanneer het verandert en je kan het zelf, of met je IT-dienst, tot in de diepte nakijken. Bij een zwarte doos op afstand kan dat nooit.
- Onafhankelijkheid. Geen prijsverhoging bij de verlenging, geen leverancier die je toegang kan afsluiten, geen voorwaarden die eenzijdig wijzigen.
Dit is geen pleidooi tegen je ziekenhuis
Laat me duidelijk zijn: dit is geen oproep om alles alleen te doen. Instellingen moeten evengoed investeren in eigen, open AI voor de grote gedeelde workflows. Sommige ziekenhuizen beginnen daar nu al aan. Persoonlijke assistenten en institutionele systemen vullen elkaar aan, ze vervangen elkaar niet. De beste zorg ontstaat als AI op beide niveaus een plaats krijgt.
Het slechtste scenario is een zorg die volledig draait op gehuurde intelligentie: gegevens die naar buiten reizen, kosten die meegroeien met je gebruik, elke vraag die passeert langs servers van een derde partij en een model waarvan buiten de leverancier niemand weet wat erin zit. Voor een uitzonderlijk zware taak kan zo'n onlinedienst best de moeite zijn, als gecontroleerde uitzondering. Als grondregel is het de zwakste keuze.
De toekomst wordt nu gebouwd, met of zonder jou
De komende jaren ontstaat een nieuwe laag in de zorg: digitale agenten die niet alleen antwoorden maar ook handelen. Die laag wordt vandaag ontworpen. Als zorgverleners niet mee aan tafel zitten, wordt ze ontworpen door mensen die nog nooit een spreekuur hebben gedaan.
Wacht dus niet tot die toekomst je overkomt. Bouw mee. Vier dingen. Je kan er vandaag nog aan beginnen:
- Begin klein. Kies één ergernis uit je werkdag en los die op, alleen of met een collega. Programmeerkennis heb je niet meer nodig, beschrijven wat je wil volstaat steeds vaker. Deze blog noemt dat vibe coding en de verhalen hier bewijzen dat het werkt.
- Deel wat je maakt. Zorgverleners kopiëren al generaties protocollen van elkaar. Laat hetzelfde gelden voor digitale helpers.
- Stel eisen. Vraag elke leverancier of je hun modellen ook zelf kan draaien, of je gegevens bij jou blijven en of je kan vertrekken zonder alles kwijt te raken.
- Zoek elkaar op. In gemeenschappen zoals Care & Code bouwen artsen, apothekers en verpleegkundigen nu al samen aan die laag. Dat is geen bijzaak. Dat is waar de spelregels van morgen geschreven worden.
Die digitale agenten komen er sowieso. De enige keuze die jij hebt, is of jij ze mee schrijft.
Isaree bouwt open AI-agenten voor de zorg die op je eigen toestel draaien. isaree.ai
Bart de Witte spreekt op Clinical Build Day, zaterdag 3 oktober in Antwerpen. De inschrijvingen sluiten zaterdag 26 september. Daarna gaat de verkoop dicht. Bekijk het programma en schrijf je in.
Lees verder
21 september 2026 · 5 min read
Het prototype is nu het makkelijke deel
Clinici bouwen met AI zelf tools, maar zodra er echte patiëntgegevens in komen begint het lastige deel. Eric Krzeslo (iCure) over het fundament dat zorgapps nodig hebben: versleuteling, hosting in Europa, FHIR en eHealth-koppelingen.
29 mei 2026 · 7 min read
Als het ziekenhuis zelf leert bouwen: van losse pioniers naar beleid
Tot nu toe waren het individuele artsen die zelf tools bouwden. Nu beslist een eerste ziekenhuis dat élke clinicus het tegen 2027 moet kunnen. Dat verandert alles: van toevalstreffer naar beleid. Een blik op wat er nu gebeurt en op de scenario's die eraan komen.